27ste zondag door het jaar, B, 2024
Inleiding
De eerste lezing van deze zondag is genomen uit het scheppingsverhaal volgens het boek Genesis. Aan het eind van de voorafgaande vijf scheppingsdagen staat daarin telkens opgetekend: ”… en God zag dat het goed was”. Nadat God de mens geschapen had op de zesde dag, horen we echter in de eerste zin van de eerste lezing van vandaag, dat God zag dat het niet goed was. Pas na het scheppen van de vrouw als een “hulp die bij hem past” is de mens als man en vrouw een complete en onverbreekbare eenheid naar Gods bedoeling. Die bedoeling van God wordt door Jezus in het heilig evangelie van vandaag nog eens nadrukkelijk bevestigd en is door de Kerk van alle eeuwen als constante leer verkondigd, waarvoor zelfs velen bereid waren de marteldood te sterven. Als we ons ervan bewust zijn dat we Gods bedoelingen over huwelijk, seksualiteit en gezin te weinig beleefd en verkondigd hebben, dan belijden we daarover onze schuld en vragen we om vergeving aan God en aan elkaar.
Eerste lezing: Gen. 2,18-24.
De HEER God sprak: ‘Het is niet goed dat de mens alleen blijft. Ik ga een hulp voor hem maken die bij hem past.’ Toen boetseerde de HEER God uit de aarde alle dieren op het land en alle vogels van de lucht, en bracht die bij de mens, om te zien hoe hij ze zou noemen: zoals de mens ze zou noemen, zo zouden ze heten. De mens gaf dus namen aan alle tamme dieren en aan alle vogels van de lucht, en aan al de wilde beesten; maar een hulp die bij hem paste vond de mens niet. Toen liet de HEER God de mens in een diepe slaap vallen; en terwijl hij sliep, nam Hij één van zijn ribben weg en zette er vlees voor in de plaats. En de HEER God vormde de rib die Hij uit de mens had weggenomen tot een vrouw, en bracht haar naar de mens. Toen zei de mens: ‘Eindelijk, dit is been van mijn gebeente en vlees van mijn vlees! Mannin zal zij heten, want uit een man is zij genomen.’ Daarom zal een mens zijn vader en zijn moeder verlaten en zich hechten aan zijn vrouw, en die twee zullen één zijn.
H. Evangelie: Mc. 10,2-16.
Er kwamen farizeeën op Hem af met de vraag of een man zijn vrouw mag verstoten; ze wilden Hem op de proef stellen. Hij gaf hun ten antwoord: ‘Wat heeft Mozes u voorgeschreven?’ Ze zeiden: ‘Mozes heeft toegestaan een scheidingsakte te schrijven en haar dan te verstoten.’ Daarop zei Jezus hun: ‘Omdat u verstokt van hart bent, heeft Mozes u dat voorgeschreven. Maar vanaf het begin van de schepping heeft Hij hen mannelijk en vrouwelijk gemaakt. Daarom zal een mens zijn vader en moeder verlaten en zich hechten aan zijn vrouw, en die twee zullen één zijn. Ze zijn dus niet meer twee, maar één. Dus: wat God heeft verbonden, moet de mens niet scheiden.’ Thuisgekomen vroegen de leerlingen Hem opnieuw hierover. Hij zei hun: ‘Wie zijn vrouw verstoot en met een ander trouwt, pleegt echtbreuk tegenover haar, en als zij haar man verstoot en met een ander trouwt, pleegt zij echtbreuk.’ Ze brachten kinderen bij Hem met de bedoeling dat Hij hen zou aanraken. Maar de leerlingen wezen hen terecht. Toen Jezus dat zag, werd Hij verontwaardigd: ‘Laat die kinderen bij Me komen, en houd hen niet tegen, want van zulke kinderen is het koninkrijk van God. Ik verzeker jullie, wie het koninkrijk van God niet aanneemt als een kind, komt er beslist niet in.’ Hij omarmde hen en zegende hen, terwijl Hij hun de handen oplegde.
Preek
Het Hart van God
We leven in een geseculariseerde wereld, dat wil zeggen: in een wereld waar liefst niet al te veel over God gesproken wordt. Allerlei instellingen, levenspatronen enz. die met God en godsdienst te maken hebben, worden zoveel mogelijk teruggedrongen. Namen van scholen, organisaties, ziekenhuizen, bejaardentehuizen, instellingen die voorheen nog aan het heilige of de heiligen deden denken, zijn in die zin niet meer herkenbaar. Kruisbeelden in huizen, momenten van gezamenlijk gebed in huis, zijn eerder uitzondering dan regel. Enkele jaren geleden gaf ik een aanstaand bruidspaar wat teksten mee voor hun huwelijksmis. De volgende keer toen ze bij mij terugkwamen hadden ze de tekst die ze uitgekozen hadden dusdanig veranderd dat er het woord God niet meer in voorkwam. God geschrapt!
Wanneer je de wereld anno 2024 gadeslaat, dan kom je tot de conclusie dat een en ander niet zonder gevolgen blijft, wanneer we O.L. Heer uit ons leven samen met elkaar uitbannen. In sommige kringen worden priesters beschouwd als lastige lieden omdat – nog voordat ze een woord gezegd hebben – ze naar God verwijzen. Ik vermoed dat het in sommige kringen not-done is wanneer je een beroep doet op een priester, wanneer je een beroep doet op je kerk, parochie of godsdienst. Het wordt dan afgedaan als ouderwets, niet van deze tijd. Dat schrappen van God in het leven gebeurt natuurlijk niet van de een op de andere dag. Het is een geleidelijk proces: iedere dag een beetje minder God, iedere week een beetje minder kerk. En van regeringswege, incluis de plaatselijke politiek, wordt het alleen maar gestimuleerd.
Denkt u maar eens aan de verwezenlijking van de plannen om de zondag als dag des Heren te schrappen; denken we aan de koopzondag en dergelijke. Dat schrappen van God uit het dagelijkse en gemeenschappelijke leven kan natuurlijk niet zonder gevolgen blijven. Je ziet veel tekenen van des-organisatie in het openbare leven, in huwelijk, gezin en families: ontbindingsverschijnselen.
Steeds minder bespeuren we daar de bereidheid om te leven vanuit de Heer, Die is de alles verbindende band van Liefde waaruit mensen pas echt kunnen leven: die relatie tot God. En wanneer die band er niet meer is, dan is er ont-binding: ontbinding in de relatie tot God, ontbinding in de relatie tot je medemensen, ontbinding in je relatie van je huwelijk met je man of je vrouw: God is echter een liefdevolle Vader van ons allen. Hij is oerbegin van ons bestaan, onze levensdraad, onze Schepper en Herschepper. Hij is de Bouwheer van heel de wereld, van alles wat ademt en leeft. Het lijkt erop alsof velen dit bouwwerk niet meer nodig hebben en zich een eigen huis bouwen, los van God. Het lijkt erop alsof velen zich eigen godjes zoeken, allemaal verschillende, en dus los komen te staan van O.L. Heer en dus ook van elkaar: ontbinding.
Mensen schrappen God inderdaad definitief weg uit hun leven. Dat kan niet zonder gevolgen blijven, zoals we horen in de volgende eigentijdse parabel: “Een spin leefde tevreden in baar web totdat iemand zei: Je moet gaan rationaliseren, alles wat niet meer dient moet je afbreken en opruimen. De spin ging direct aan de slag en inspecteerde haar web: maar geen enkele draad was overbodig, ze schenen allemaal nodig te zijn voor de vangst van haar prooi. Ze zocht en zocht verder totdat ze tenslotte een draad vond die kaarsrecht naar boven liep. Dat leek haar een schijnbaar nutteloze draad. Dus weg ermee. Ze beet hem door… en haar hele web stortte in elkaar. Het was de draad waaraan het hele web hing.” Die schijnbaar nutteloze draad is de levensdraad die ons verbindt met God.
Naar het heilig evangelie van deze dag. Aan Jezus werd de vraag gesteld: “Staat het een man vrij zijn vrouw te verstoten?” Daarmee wilden de Farizeeën Jezus op de proef stellen. Ze stellen niet zomaar een vraag, maar ze willen Jezus uitdagen en kijken of ze Hem ergens van kunnen beschuldigen. Namelijk dat Hij ofwel tegen het gebod van God ofwel tegen de wet van Mozes ingaat; ofwel om met Hem te kunnen discussiëren om welke reden zo’n scheidingsbrief dan wel of niet zou kunnen worden opgesteld. Jezus doorziet hun onoprechtheid en zegt dat de bepaling van Mozes is gekomen om de hardheid van hun hart, maar dat de bedoeling van God vanaf het begin heel anders was…
Het Hart van God is een hart van liefde en barmhartigheid; van onbaatzuchtigheid, van vrijheid en vergeving. Het Hart van God is niet hard, maar zacht. Het Hart van Jezus is eveneens zo: vol liefde, vol overgave, trouw, zachtmoedig, geduldig en vergevingsgezind.
Wij allen hebben een hart; een hart waarin goedheid kan wonen en waarin plaats mag zijn voor oprechte, trouwe liefde: vragen wij O.L. Heer in deze H. Mis om zo’n zachtmoedig en liefdevol hart, zodat wij elkaar steunen in ons gegeven woord, in onze relatie met elkaar en met God. Wat God verbonden heeft mag een mens niet scheiden: noch de liefde tot de medemens, noch de liefde tot God en Zijn Kerk.
Voorbede:
Bidden wij in geloof tot God, die de oorsprong is van alle liefde tussen mensen: dat de Kerk als bruid van de Heer altijd de trouw voorleeft en de goddelijke liefde gestalte blijft geven in haar woorden en werken;
– dat de gehuwden hun liefde naar Gods beeld mogen ontplooien en trouw mogen blijven ondanks de moeilijkheden en beproevingen van alledag;
– dat onze parochiegemeenschap een voorbeeld moge zijn van het bruidsverbond dat God met zijn mensen is aangegaan;
– dat de wereld mag openstaan voor het liefdesaanbod van God en dat zij meer en meer wordt geraakt door Gods liefde, die niet ophoudt zijn schepselen te beminnen;
– dat de zieken en noodlijdenden in onze gemeenschap onze steun en liefde mogen ervaren als teken van Gods nabijheid;
– dat onze dierbare overledenen mogen delen in de vreugde van het hemels bruiloftsmaal.
God, in de verkondiging van Christus hebt U uw liefde voor ons geopenbaard. Verhoor onze gebeden en laat de heilige Geest ons de weg van het leven leren, zodat wij met alle gelovigen de volledige eenheid met U tegemoet mogen gaan. Dat vragen wij U door Christus onze Heer. Amen.
Vgl. ‘Bezinning op het woord’, Inleiding in de liturgie van iedere dag, Roermond, oktober 2012, blz. 14-15. Idem, oktober 2018, blz. 16-17.





Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.