De opdracht van de Kleine Zielen


De roeping van de Kleine Zielen vindt haar oorsprong in het Evangelie zelf. Zij is geen nieuwe leer, maar een concrete wijze van leven volgens de woorden van Jezus. De opdracht die Hij aan de Kleine Zielen geeft, kan worden samengevat in drie kernpunten: Jezus beminnen, meewerken aan het heil van de zielen en de liefde van Christus zichtbaar maken door dienstbaarheid aan de naaste.

1. Jezus beminnen en Hem doen beminnen

Op de vraag welk gebod het grootste is, antwoordt Jezus:

“De Heer onze God is de enige Heer. Gij zult de Heer uw God beminnen met geheel uw hart, geheel uw ziel, geheel uw verstand en met al uw krachten.” (Marcus 12,29-30)

De eerste en voornaamste opdracht van de Kleine Ziel is daarom een leven van liefde voor Jezus. Niet alleen Hem kennen of over Hem spreken, maar Hem werkelijk beminnen met heel het hart. Jezus zei op 10 februari 1967:

“Jullie hart dwaalt op zoek naar de waarheid en vindt haar niet. Zij is zo dichtbij en jullie zien haar niet. Kijk naar Mij en bemin Mij.”

Ware liefde blijft echter nooit beperkt tot gevoelens. Wie Jezus liefheeft, wil ook wat Hij wil. Zijn verlangen is dat alle mensen gered worden en delen in het eeuwig leven. Daarom bestaat de opdracht van de Kleine Ziel er ook in anderen tot Christus te brengen, zodat ook zij zijn liefde leren kennen.

2. Jezus helpen bij het redden van de zielen

Uit liefde nodigt Jezus de Kleine Zielen uit om deel te nemen aan zijn verlossingswerk. Niet uit eigen kracht, maar door zich volledig aan Hem toe te vertrouwen. Daarom noemt Hij hen “mijn kleine medeverlossers”.

Op 4 juli 1973 sprak Jezus:

“Mijn kleine medeverlossers, help Mij de wereld te redden door uw liefde. Wees rustig en vreedzaam onder mijn blik. Geloof in mijn macht. Het enige probleem is ‘ja’ te zeggen aan de genade en ‘neen’ aan de hoogmoed en alles wat daaruit voortkomt. De weg is steil; ga langzaam en voorzichtig.”

Iedere Kleine Ziel ontvangt volgens deze boodschap een bijzondere verantwoordelijkheid. God vertrouwt aan ieder mensen toe voor wie gebeden, geleden en geofferd mag worden. Daarom zegt Jezus:

“De Kleine Zielen dragen een grote verantwoordelijkheid tegenover Mij. Aan ieder van hen heb Ik een groot aantal zielen toegewezen die gered moeten worden. Begrijp daarom dat men niet ten strijde trekt zonder zelf slagen te ontvangen.” (25 augustus 1979)

Deze strijd is geen uiterlijke strijd, maar een geestelijke strijd tegen zonde, hoogmoed, egoïsme en alles wat de mens van God verwijdert.

3. Naar hen gaan die lijden

Liefde tot God kan niet losstaan van liefde tot de naaste. Onmiddellijk na het eerste gebod zegt Jezus:

“Gij zult uw naaste liefhebben als uzelf.” (Marcus 12,31)

Op 21 juni 1973 ontving Marguerite wat zij zelf de “Leefregel van de Kleine Ziel” noemt. Daarin geeft de Heer een eenvoudige maar diepgaande opdracht. De Kleine Ziel wordt gezonden naar allen die hulp nodig hebben:

  • Ga naar wie lijdt en troost hem.
  • Ga naar wie twijfelt en stel hem gerust.
  • Ga naar wie weent en droog zijn tranen.
  • Ga naar wie wacht en leer hem geduld.
  • Ga naar wie verdwaald is en wijs hem de weg.
  • Ga naar wie wanhoopt en geef hem hoop.
  • Ga naar wie ontrouw is en versterk hem.
  • Ga naar wie in het duister leeft en laat hem hopen op het Licht.
  • Ga naar wie overspannen is en breng hem innerlijke rust.
  • Ga naar wie besluiteloos is en schenk hem standvastigheid.

Zo wordt iedere Kleine Ziel uitgenodigd een levende getuige van Christus te zijn. Niet door grote woorden of buitengewone prestaties, maar door zachtmoedigheid, nederigheid, barmhartigheid en liefde. De Kleine Ziel brengt aan de mensen de “liefelijke geur van Christus” en maakt door haar leven zichtbaar dat Gods liefde sterker is dan angst, verdriet en zonde.

De kern van de opdracht

De opdracht van de Kleine Zielen kan uiteindelijk in één zin worden samengevat:

Jezus liefhebben, met Hem meewerken aan het heil van de mensen en overal waar men komt de liefde, de vrede en de barmhartigheid van Christus uitstralen.

Zo beantwoorden de Kleine Zielen aan hun roeping om klein te zijn voor God, volledig op Hem te vertrouwen en zich beschikbaar te stellen als instrumenten van zijn barmhartige liefde voor de wereld.